Missie 3: Gebiedsinrichting en water

Missie 3: Gebiedsinrichting en water

In 2050 passen inrichting en gebruik van landelijk én stedelijk gebied binnen de randvoorwaarden van natuurlijke systemen zoals klimaat, water en bodem. Ze dragen bij aan brede welvaart voor wie er leven, werken en recreëren. Voor beide gebiedstypen bestaat een samenhangend, op water en bodem gebaseerd perspectief.

Bodem, water en land worden in Nederland intensief gebruikt door vele spelers. Al dat gebruik samen te laten voldoen aan de eisen van klimaat, energie en ecosystemen, stelt ons voor grote opgaven. Nu al kampen we met lange droogteperioden, verzilting en impacts van weersextremen. Forse aanpassingen aan indeling en gebruik van onze ruimte zullen nodig zijn.

Om de puzzel van het Nederlandse landschap goed op te lossen, is essentieel dat we uitgaan van de mogelijkheden en beperkingen van het bodem- en watersysteem. Dat geldt voor het platteland maar ook voor bebouwde gebieden, waarin bijvoorbeeld stedelijk groen bijdraagt aan leefbaarheid en vermindering van wateroverlast en hittestress. De kwaliteit van bodem en water staat nu al onder druk, en de beschikbaarheid van voldoende zoet water voor drinkwater, industrie, irrigatie en natuur is niet meer altijd vanzelfsprekend.

Voor optimale inrichting en gebruik van het toekomstige Nederland, zullen we samen aan vele knoppen draaien. Dat maakt het cruciaal dat alle gebruikers van land, water en bodem, elk met eigen kennis en inzichten, bij elkaar komen. Te vaak werken sectoren nu nog onbedoeld langs elkaar heen.

Duidelijk is dat bijvoorbeeld kwaliteit en beschikbaarheid van zoet water er op termijn bij is gebaat als kennisinstellingen en drinkwaterbedrijven, boeren, natuurbeheerders en industrie kennis en ideeën delen.

De innovatieprogramma’s in deze missie richten zich dus nadrukkelijk niet alleen op gevestigde kennisinstellingen en beleidsmakers op nationale en regionale niveaus. Ze zoeken ook goede manieren om ondernemers en deskundigen uit land- en tuinbouw, industrie, bouw en recreatie, én burgers, bij de ontwikkeling van kennis te betrekken. Wat vinden zij belangrijk? Welke van hun creatieve ideeën verdienen misschien een podium en brede toepassing? Passen ze in het grotere geheel? Door deel te nemen aan innovatieprogramma’s, helpen al die partijen samen de ruimtelijke puzzel van Nederland op te lossen.

Drie innovatieprogramma’s

3A Toekomstbestendige ruimtelijke inrichting landelijk gebied

Einddoel 2050

Inrichting en gebruik van het landelijk gebied zijn via een verantwoorde transitie in 20250 in balans met natuurlijke systemen en dragen bij aan de brede welvaart voor de mensen die er leven, werken en recreëren. Er is een ruimtelijk samenhangend perspectief voor al het landgebruik. Het landelijk gebied is klimaatbestendig ingericht (NPLG, NAS).

Deelprogramma 1 | Omgevingskwaliteit en landinrichting

Wat willen we bereiken:

  • Maatschappelijk gedragen klimaatbestendig gebruik schaarse ruimte met natuur, water, bodem en landschapskwaliteit als basis . Samenhang tussen verschillende schaalniveaus.

Gewenste resultaten: (Volgorde: van toepassingsgericht naar fundamenteel onderzoek)

  • Integrale inhoudelijke kennis van het fysieke systeem en van het sociaaleconomische systeem samen met proces- en ervaringskennis beschikbaar voor gebiedsproces 
  • Gebiedsgerichte aanpak veenweide
  • Integraal en ruimtelijk kunnen afwegen
  • Effecten ruimtelijke keuzes op landschap
  • Kansen en belemmeringen meervoudig ruimtegebruik bekend
  • Uitwerking ‘water bodem en natuur sturend’ in gebieden
  • Gebiedsspecifieke transitiepaden en scenario’s ontwikkeld met stakeholders 
  • Aandacht voor waardendialoog en wisselwerking tussen feiten en waarden in gebiedsprocessen
  • Nature Based Solutions en groenblauwe dooradering worden ingezet
  • Lokale initiatieven worden ingepast (t.b.v. ruimtelijke kwaliteit)
  • Wisselwerking stad-land en tussen verschillende schaalniveaus meegenomen in keuzes
  • Effecten ruimtelijke inrichting op ecosysteemdiensten 
  • Vernieuwing sturingsfilosofie, institutionele kaders en juridisch instrumentarium omgevingskwaliteit
Deelprogramma 2 | Integraal gebiedsgericht samenwerken

Wat willen we bereiken:

  • Verantwoorde transitie, met integraal acterende  overheden en gebiedspartijen. Gebruik makend van uitvoeringskracht en lerend vermogen.

Gewenste resultaten: (Volgorde: van toepassingsgericht naar fundamenteel onderzoek)

  • Integrale inhoudelijke kennis van het fysieke systeem en van het sociaaleconomische systeem samen met proces- en ervaringskennis beschikbaar voor gebiedsproces 
  • Gebiedsgerichte aanpak veenweide
  • Lerende en adaptieve aanpak , procesontwerp, omgaan met polarisatie
  • Transitie-aanpak ontwikkeld
  • Uitvoeringskracht versterkt
  • Leren van toepassing in transitie-aanpakgebied praktijk
  • Gebiedsspecifieke transitiepaden en scenario’s ontwikkeld met stakeholders 
  • Aandacht voor waardendialoog en wisselwerking tussen feiten en waarden in gebiedsprocessen
  • Pilots en fieldlabs leveren bijdrage aan transitie
  • Lokale initiatieven worden ingepast (t.b.v. ruimtelijke kwaliteit)
  • Wisselwerking stad-land en tussen verschillende schaalniveaus meegenomen in keuzes
  • Vernieuwing sturingsfilosofie, institutionele kaders en juridisch instrumentarium omgevingskwaliteit
Deelprogramma 3 | Brede welvaart, vitaal landelijk gebied

Wat willen we bereiken:

  • Brede welvaart is vergroot. Het landelijk gebied is sociaal en economisch vitaal.

Gewenste resultaten: (Volgorde: van toepassingsgericht naar fundamenteel onderzoek)

  • Integrale inhoudelijke kennis van het fysieke systeem en van het sociaaleconomische systeem samen met proces- en ervaringskennis beschikbaar voor gebiedsproces 
  • Methode voor operationaliseren en kwantificeren van brede welvaart en vitale leefomgeving
  • Verdienmodellen klimaatbestendig ruimtegebruik
  • Mogelijkheden versterking lokale/regionale gemeenschappen bekend 
  • Gebiedsspecifieke transitiepaden en scenario’s ontwikkeld met stakeholders 
  • Lusten en lasten in beeld en hoe hiermee omgaan
  • Brede welvaart voor toekomstige generaties meegenomen in afweging
  • Nieuwe economische dragers landelijk gebied
  • Indicatoren ontwikkeld die aansluiten op leefwereld mensen
  • Effect inrichting landelijk gebied op gezondheid  welzijn, veiligheid en bereikbaarheid bekend
3B Toekomstbestendige inrichting bebouwd gebied

Einddoel 2050

Groen-grijs-blauwe maatregelen in private en publieke ruimte dragen bij aan biodiversiteit, vasthouden van (hemel)water en verminderen van hittestress. Grondwater is beheerst op een optimaal niveau. Zettingen en bodemdaling zijn minimaal. Ondergrondse kritieke netwerken zijn robuust en duurzaam.

Deelprogramma 1 | Groen-blauw-grijze ruimtelijke inrichting

Wat willen we bereiken:

  • (Hybride) groen-grijs-blauwe inrichting van de private en publieke ruimte draagt bij aan biodiversiteit, vasthouden en infiltreren van water en verminderen van hittestress. Het grondwater is beheerst op een optimaal niveau. Zettingen en bodemdaling zijn minimaal.

Gewenste resultaten: (Volgorde: van toepassingsgericht naar fundamenteel onderzoek)

  • Richtlijnen, methoden en oplossingen voor GrGrBl-inrichting
  • Monitoren van maatregelen door particulieren voor vergroening en water vasthouden
  • Nieuwe methodes bodemverbetering toegepast
  • Watervoorziening stedelijk groen geoptimaliseerd
  • Systemen actief grondwaterbeheer toegepast
  • Aanleg waterbuffers in en rond bebouwd gebied versneld
  • Invloed vastgesteld van ‘nieuwe’ ondergrondse infrastructuur op water, bodem, groen, mens en dier
  • Scenario’s bekend voor stedelijke watervraag bij meer hitte en vergroening, vergroeningsambitie in relatie tot waterbehoefte
  • Effecten bekend van schaal(baarheid) GrGrBl-inrichting en toepassing daarvan
  • Kansen en belemmeringen bekend van EU Bodemgezondheidswet en van bodem-water-sturend voor stadsontwikkeling
  • Interactie bekend van groen met watersysteem, effect op hittestress, leefbaarheid, biodiversiteit en klimaatmitigatie
  • Financiële arrangementen ontwikkeld, o.a. voor eerlijke vergroening
  • Kenmerken vitale bodem in bebouwd gebied onderbouwd, mogelijkheden oor stimuleren rijk bodemleven bekend
  • Integrale oplossingen voor tegengaan watertekort en wateroverlast in stedelijk gebied
  • Gezondheidsbaten onderzocht van GrGrBl-inrichting
Deelprogramma 2 | Ondergrondse leidingnetwerken

Wat willen we bereiken

  • Ondergrondse leidingnetwerken voor drinkwater, hemelwater en afvalwater zijn duurzaam en robuust ingericht, rekening houdend met andere ondergrondse netwerken, klimaatverandering, de energietransitie en de woningbouwopgave. 

Gewenste resultaten: (Volgorde: van toepassingsgericht naar fundamenteel onderzoek)

  • Ondergrondse kritieke leidingnetwerken geïntegreerd en klimaatrobuust ingericht
  • Oplossingen voor berging hemelwater in publieke ruimte toegepast
  • Aanpakken toegepast voor vermindering opwarming drinkwaternetten
  • Nieuwe vormen riolering toegepast
  • Aanleg waterbuffers in en rond bebouwd gebied versneld
  • Invloed vastgesteld van ‘nieuwe’ ondergrondse infrastructuur op water, bodem, groen, mens en dier
  • Scenario’s bekend voor stedelijke watervraag bij meer hitte en vergroening, vergroeningsambitie in relatie tot waterbehoefte
  • Invloed bekend van ingrepen in boven-ondergrond op leidingnetwerken en van lekkages
  • Oplossingen ontwikkeld voor circulaire stedelijke waterhuishouding
  • Methoden voor geïntegreerd ontwerpen en integraal assetmanagement
  • Oplossingen voor opslag en hergebruik hemelwater bij nieuw- en bestaande bouw, zonder nadelige gezondheidseffecten 
  • Maatregelen tegen plagen, zoönosen, ongemakken, vooral in private ruimte
  • Digitale tweelingen van leidingnetwerken
  • Aanpakken ontwikkeld voor Riolering 2.0: ontwerp, levensduur, lekken, onderhoud, warmte-terugwinning
  • Integrale oplossingen voor tegengaan watertekort en wateroverlast in stedelijk gebied
  • Circulaire materialen voor leidingnetwerken verkend
3C Toekomstbestendig zoetwatersysteem

Einddoel 2050

Gebruik zoetwatersysteem is in balans met aanvulling en waterbehoefte ecosystemen. Water wordt langer vastgehouden. Infiltratie zonder nadelige effecten op bodem en water. Waterverbruik is afgenomen. Vervuiling wordt voorkomen. Duurzame alternatieven voor waterwinning en waterhergebruik.

Deelprogramma 1 | Watergebruiksfuncties in balans

Wat willen we bereiken:

  • Regenwater en gezuiverd afvalwater worden langer vastgehouden. Landinrichting en -gebruik dragen bij aan vasthouden water. Infiltratie zonder nadelige effecten op bodem en water. Waterverbruik is 20% afgenomen. Gebruik grondwater is in balans met aanvulling en waterbehoefte van ecosystemen.

Gewenste resultaten: (Volgorde: van toepassingsgericht naar fundamenteel onderzoek)

  • Effectieve aanpakken om water- en bodemsysteem klimaatbestendig in te richten, inclusief opvang piekbuien
  • Waterhergebruik en -besparing toegepast bij bedrijven en particulieren
  • Gezondheidsrisico’s bij hergebruik particulieren in beeld en technische en governance implicaties uitgewerkt
  • Maatregelen voor tegengaan milieu- en  gezondheidsrisico’s bij langer vasthouden en infiltreren water
  • Verandering vegetaties en effecten op natuurdoelen en grondwateraanvulling, versterkende en conflicterende doelen
  • Kwantiteits- en kwaliteitseffecten van infiltratie (diep en ondiep) bekend
  • Inzicht in balans drinkwaterverbruik met (regionale) beschikbaarheid
  • Bijdrage ruimtelijke inrichting aan klimaatbestendigheid bekend
  • Scenario’s voor verdeling van beschikbare water op lange en korte termijn, op basis van maatschappelijke en economische criteria (incl. zoet water voor doorspoelen verzilting)
  • Effecten hogere grondwaterstand op functies, afweging optimale grondwaterstand
  • Betere methoden (o.a. onzekerheid) voorspellingen grondwateraanvulling en t.b.v. waterberging voor wateroverlast
  • Kennis over maatschappelijke en economische waarde van water toepasbaar gemaakt, effecten bekend
  • Verbeterde methoden voor modellering en ijking wateropname en verdamping bomen/bossen
Deelprogramma 2 | Schoon water, schone bodem

Wat willen we bereiken:

  • Inzet van technologische en natuurlijke zuivering om kwaliteit zoetwatersystemen te beschermen (o.a. tegen verzilting) en te verbeteren. Schadelijke emissies en lozingscalamiteiten worden voorkomen. Duurzame alternatieven voor waterwinning en waterhergebruik worden ingezet.

Gewenste resultaten: (Volgorde: van toepassingsgericht naar fundamenteel onderzoek)

  • Standaarden, regelgeving, vergunningenbeleid voor o.a. bronaanpakken, lozing concentraat, hergebruik RWZI-effluent
  • Gezondheidsrisico’s bij hergebruik particulieren in beeld en technische en governance implicaties uitgewerkt
  • Samenhang/interactie bekend waterkwantiteit – waterkwaliteit
  • Klimaatbestendige nature-based-systems voor waterzuivering
  • Streefbeelden gezond bodem-watersysteem in veranderend klimaat
  • Mogelijkheden uitgebreid voor hergebruik reststromen uit (drink-/proces-/afvalwaterzuivering
  • Bronaanpakken o.b.v. forensische chemie voor opsporen vervuilingen
  • Duurzame alternatieven voor lozen membraanconcentraat
  • Incentives onderzocht voor clean technology/bronaanpak
  • Duurzame alternatieven voor lozen membraanconcentraat
  • Toxicologische risico’s in beeld voor ecologische waterkwaliteit
  • Effect van decentrale zuiveringen op grotere watersysteem
  • Gedrag persistente mobiele organische microverontreinigingen (IOC’s) tijdens bodempassage (theorie en veldkennis)
  • Toepassingen wastewater surveillance verbreed
  • Zuiveringstechnologie voor afbraak persistente microverontreinigingen in water en bodem
  • Invloed temperatuur op waterkwaliteit en zuivering bekend
  • Effect van gradiënten en dynamiek op ecologische waterkwaliteit
  • Chemische en microbiologische gezondheid bodem en ondergrond

Theory of Change-schema’s

Bovenstaande innovatieprogramma’s zijn ook samengevat volgens de Theory of Change-methode. Deze schema’s zijn meer in detail uitgewerkt en geven de onderlinge samenhang tussen de innovatieprogramma’s weer. U kunt de schema’s hier downloaden.